Zeg je Lapland dan zeg je sneeuw, rendieren en sledehonden. Toch? Ik wel in ieder geval, totdat ik werd uitgenodigd op een persreis naar Ylläs in Fins Lapland. In de zomer. ‘Misschien ligt er wel eeuwige sneeuw?’ zei ik nog tegen een vriendin voor vertrek, maar ik zal jullie vast vertellen, dat ligt er niet. Wel zie je overal rendieren. Sterker nog, doordat er in de warme zomermaanden ontzettend veel insecten in de bossen rondzwermen en rendieren daar net als mensen hartstikke gek van worden, trekken ze lekker vaak naar de weg of parkeerplekken, dus kijk niet raar op als er opeens een stoet rendieren de benzinepomp voorbij lopen, of ergens op hun dooie gemakje in een schuur staan te chillen. Het zijn vriendelijke, beetje domme dieren, niets om je zorgen over te maken dus.

Al met al vond ik Lapland in de zomer echt een cadeau. Ik had net 2,5 week in mijn Zweedse bospaleis gezeten (weet je nog) en was nog helemaal niet klaar met Scandinavië. Het is er zo lekker schoon, zo mooi, zo rustig, de natuur is eindeloos en de nachten zijn stil en vrij van enige vorm van herrie. Ben je op zoek naar een Europese bestemming waar je écht heel veel kunt buitenspelen, fantastische uitzichten hebt en het gevoel kunt krijgen alleen op de wereld te zijn? Fins Lapland is je plek.

Lapland of Finland?

Allereerst, zelf was ik een beetje in de war met de hele Lapland of Finland benaming. Misschien ben ik gewoon een beetje dom maar ik begreep niet goed hoe het zat. Maar nu wel. Dus let op. Lapland is een landschap dat zicht uitstrekt over het aller-noordelijkste gedeelte van verschillende landen: Noorwegen, Zweden, Finland en Rusland. Wij waren dus naar Fins Lapland, officieel zijn we daarmee gewoon in Finland, maar het desbetreffende gebied hoort bij Lapland. Je kunt dus ook naar Zweeds of Russisch Lapland gaan. Lapland staat voor ‘land van de Lappen’, maar de traditionele bevolking zelf staat niet per se te springen om die benaming (Lappen wordt als beledigend ervaren) en wordt liever Saami genoemd. Saami hebben een heel eigen cultuur en taal en leefden vroeger erg gescheiden van de reguliere Scandinaviërs, maar tegenwoordig is de boel een stuk meer gemengd. Velen leven niet meer zoals vroeger als nomaden maar hebben hun intrek genomen in gewone huizen. Al zijn er natuurlijk ook nog genoeg Samen die zich hard blijven maken voor behoud en ontwikkeling van de traditionele taal en cultuur. Afijn, je moet het maar even weten.

Wat te doen in Ylläs, Fins Lapland

Wij gingen dus naar Ylläs (spreek uit als ‘oelas’). Een gebied met iets meer dan 1000 inwoners, verspreid over twee dorpjes: Ylläsjärvi en Äkäslompolo. Ylläs is ondanks dat het niet zo gek hoog is (het hoogste punt is 718 meter) wel het populairste skigebied van Finland. In het hoogseizoen verwelkomt het gebied zo’n 20.000 bezoekers en kan het er flink druk zijn. Maar kijk dat is dan maar mooi een voordeel van de zomer, want dan is het er nagenoeg leeg. Zelden was ik op een plek waar ik zoveel goddelijke leegte heb kunnen ervaren als daar. Het natuurgebied National Park Pallas-Ylläs is echt schitterend en dat niet alleen, het heeft ook nog eens de schoonste lucht van de wereld. Van de wereld! Ik bedoel maar. Er zijn duizend-en-een wandelpaden die je langs fantastische uitzichtpunten brengen, zij die van wandelen en hiken houden komen hier ruimschoots aan hun trekken, en ook in een hike van een uur of 2 verandert de vegetatie echt enorm, wat ervoor zorgt dat het nooit saai wordt. Ook de niet zo ervaren wandelaars kunnen hier trouwens van genieten, ik ben al buiten adem als ik twee verdiepingen op een trap moet lopen en het ging hier helemaal supertjes.

Verder zijn er net als in Zweden ook hier ontzettend veel mooie meren (wist je dat er in heel Finland 188.000 meren zijn? Even leuk weetje tussendoor) waar je in kunt zwemmen (al zal het water ook in hoogzomer nog best koud zijn) of in kunt kano’en. Overal zijn outdoorshops te vinden die je hiermee op weg kunnen helpen. Wij hebben ook een fietstocht gemaakt met elektrische fatbikes en dat vond ik persoonlijk echt het hoogtepunt van de trip. Fatbikes zijn mountainbikes met hele dikke banden (GOH) waarmee je echt als een speer de berg op en af kunt. Die dikke banden zorgen voor fantastisch veel grip en is het in het begin nog even onwennig om over stenen en takken heen te racen, je hebt het snel genoeg onder de knie. Doordat ze elektrisch zijn hoef je bij de stukken waarbij je de berg opgaat minimale inspanning te leveren, en kun je dus optimaal van het uitzicht genieten. Onze fietsen waren van Hidden Trails Lapland en we hadden een geweldig leuke gids. Je kunt ook gewoon fietsen huren en zonder gids op pad, maar zelf zou ik aanraden om in ieder geval de eerste keer wel met gids te gaan want hij of zij kan je dan alle mooie plekjes aanwijzen waar je zelf misschien niet was gekomen. Maar met meer dan 100 kilometer aan fietspaden kom je hoe dan ook goed aan je trekken.

(klik op de plaatjes om ze groter te maken)

Slapen & eten in Lapland

Wij sliepen in Lapland Hotels Saaga, een prima hotel met goed restaurant. Grootste voordeel is dat het hotel pal aan de piste ligt, daar heb je in de zomer niet per se veel aan maar het idee dat je zo hups je kamer in kunt skiën is toch geinig. Ik had even op Airbnb gekeken en vond daar ook best wat opties, mocht je geen zin hebben in een hotel. Verder hebben we waanzinnig lekker gegeten in Restaurant Rouhe en een keer geluncht bij Well Kitchen & Northern Café. Die laatste heeft alleen salades en burgers op het menu en die burger zijn echt absurd lekker. Aanrader dus. Op elke menukaart in welk restaurant dan ook ga je trouwens rendiervlees op het menu zien staan. Ze stoven, braden of bakken het, en elke bereidingsvorm levert weer een heel andere smaak op. Die smaak is best intens, een van mijn reisgenoten bestelde een keer een stoofpotje van rendier en dat vond ik médium lekker, maar wanneer het op een hamburger zit is het wel top. Je moet van mij helemaal niets maar het is wel leuk om een keer te proberen.

Het noorderlicht

Want jaaaa dat kun je in theorie ook zien in de zomer, het seizoen begint eind augustus en eindigt begin april. Ik zeg in theorie, want wij hebben het niet gezien, ondanks het feit dat we twee avonden tot diep in de nacht hebben staan blauwbekken bij een meer in de HOOP dat de hemel groen zou kleuren. But no. Hoe dan ook, het seizoen begint nu. Eind augustus begin september. Je krijgt dan een beetje wat wij in Nederland hebben met het vinden van het eerste kievitsei, dat is een ding, net als dat de eerste stralen noorderlicht daar een ding zijn. Zelfs de mensen die daar wonen en dus in principe het grootste deel van het jaar het noorderlicht kunnen zien trekken er nu op uit om de eerste aurora (zoals het genoemd wordt) te zien. Hoe het precies in z’n werk gaat weet ik niet WANT WE HEBBEN HET NIET GEZIEN maar wel weet ik dat het alleen te zien is als de hemel écht donker wordt, en dat het dan langzaam maar zeker ontstaat – en ook zo weer weg kan zijn. De rest van het jaar is het wel vrij zeker dat je het kunt zien, en dat brengt me op het volgende punt:

De seizoenen in Lapland

Want kennen wij vier seizoenen, in Lapland spreken ze ook wel van 8 (ACHT) seizoenen. Omdat het licht er zo vaak verandert, en alles er dan weer helemaal anders uitziet. Het jaar is als volgt in te delen:

Midwinter (januari – februari)
Na de jaarwisseling worden de dagen langzaam maar zeker weer langer. Doordat er weer wat meer zonlicht te zien is krijgen mensen weer zin om meer naar buiten te gaan en zijn de dagactiviteiten beter te doen. Het is nog steeds koud, zeker wel zo’n 15 graden onder nul.

Early spring (maart – april – mei)
De zon is terug en reflecteert fel op het dikke pak sneeuw dat er nog altijd ligt. Dit is de perfecte periode om de pistes op te gaan en te hiken.

Spring (mei)
Het voorjaar staat voor de deur. De sneeuw is bijna helemaal weg, meren zijn weer ontdooid, rendieren en vogels komen terug van hun wintertreks – je ziet de natuur ontwaken.

Nightless nights (juni – juli)
De naam zegt het al; nu gaat de zon (bijna) niet meer onder. De nachten zijn aangenaam en koel, mensen zijn hele dagen buiten en de natuur staat vol in bloei.

Harvest season (augustus)
Het seizoen om bessen en paddestoelen te plukken, te jagen en te vissen. Traditioneel gezien wordt er nu ingeslagen om de naderende winter weer te trotseren. Overdag is het warm, soms wel 25 graden, ‘s nachts koelt het een beetje af maar het blijft aangenaam. En het noorderlicht is aan het eind van augustus weer voor het eerst te zien.

Coulours of the fall (september)
Nu kleurt de natuur geel, oranje en rood, wat een spectaculair gezicht is. De dagen worden steeds frisser maar zijn wel nog licht, perfect dus voor wandelen, fatbiken, of toch nog een laatste plons in één van de meren.

First snow (oktober – november
Spreekt voor zich: de eerste sneeuw van het jaar meldt zich. ‘s Nachts komen de temperaturen weer onder nul, maar overdag kan het nog best lekker zijn dankzij het nu nog aanwezige zonnetje. Noorderlicht is volop te zien.

Polar night (december)
Nu begint het echt koud te worden, gemiddeld is het een paar graden onder nul overdag en rond de -10 in de nacht. Daglicht verdwijnt nagenoeg en het is maar een paar uur per dag licht, maar van direct zonlicht is nauwelijks sprake. Het licht dat er wél is, is haast buitenaards van kleur. Paars, roze, je weet niet wat je ziet. Uiteraard is het ook nu perfect om het noorderlicht te zien.

Goed om te weten

Ja, nog even twee belangrijke dingen. Ten eerste: ik zou je aanraden om een auto te huren. Alles ligt redelijk verspreid uit elkaar en er is weinig tot geen openbaar vervoer. Een huurauto geeft je de nodige vrijheid om zoveel mogelijk in het gebied te ontdekken. Ten tweede: in de winter heb je er geen last van maar in de zomer zijn er echt behoorlijk veel muggen. Niet overal en niet de hele tijd, maar als je in de buurt van water bent komen ze je met bosjes tegelijk belagen. Het wordt er allemaal niet minder leuk om (echt niet) maar het is iets om rekening mee te houden. Zorg dat je goed bedekt naar buiten kunt gaan, en neem voldoende muggenspul mee. Of sla daar in, dat kan natuurlijk ook.

Hoe kom je er

Ylläs ligt een kleine 3000 kilometer (!) van Nederland en is dus echt verrassend ver. Het dichtstbijzijnde vliegveld is Kittilä Airport, zo’n drie kwartier rijden vanaf Ylläs. Finnair vliegt het hele jaar vanaf Helsinki naar Kittilä, Norwegian alleen in de winter. Vanuit Nederland ligt het dus voor de hand om naar Helsinki te vliegen en daar over te stappen, maar er zijn tijdens de drukke wintermaanden soms ook directe vluchten te vinden. Een andere optie is om naar Rovaniemi te vliegen, wat 170 kilometer van Ylläs ligt, vanaf daar kun je dan voor het laatste stuk een bus pakken. Liever minder vliegen? Vanuit Helsinki kun je ook de trein pakken naar station Kolari, vanwaar een bus je naar Ylläs brengt. wat 35 kilometer verderop ligt. Tot slot, in plaats van de trein kun je ook voor een bus kiezen. Voor een prima prijsje kun je vanaf Helsinki die kant op gereden worden, check deze site voor meer info.

(klik op de plaatjes om ze groter te maken)


Voor deze reis ben ik uitgenodigd door het Fins verkeersbureau Visit Finland. Ik heb de reis gekregen maar ben verder niet betaald om iets te publiceren of voor mijn aanwezigheid. We hebben afgesproken dat ik een artikel zou schrijven naar aanleiding van mijn trip maar de inhoud was geheel en al aan mij. Dus zoals de Amerikanen zo mooi zeggen: all views are my own. Meer weten over wat een persreis is? Lees dit artikel eens

De droneshots boven het water, foto van mij op de fiets en laatste groepsfoto zijn gemaakt door fotograaf Eetu Leikas